Hier vindt u veelgestelde vragen en antwoorden over corona. Lees meer

Kopafbeelding

Aanvullende behandelwijze bij een herseninfarct

6 januari 2016

Patiënten met een herseninfarct kunnen vanaf 11 januari in het Albert Schweitzer ziekenhuis een zogeheten intra-arteriële behandeling ondergaan. Daarbij wordt het stolsel dat de hersenslagader blokkeert, verwijderd met een katheter die via de lies wordt ingebracht. “Daar waar de afsluiting zich bevindt, diep in de hersenen, wordt deze er langzaam uitgetrokken”, verduidelijkt neuroloog Ruud Kleyweg. 

Deze behandeling wordt toegevoegd aan de huidige standaardbehandeling, namelijk het inspuiten van een stolseloplossend middel, de zogeheten trombolyse. De intra-arteriële behandeling is relatief nieuw en wordt op dit moment in minder dan twintig ziekenhuizen in Nederland aangeboden. De techniek wordt pas vanaf 2017 vergoed door de zorgverzekeraars. Het Albert Schweitzer ziekenhuis investeert nu zelf in de invoering ervan. De behandeling wordt uitgevoerd door een interventieradioloog, in nauw overleg met de neuroloog.

Het team dat de intra-arteriële behandeling uitvoert, maakt uitgebreid kennis met de benodigde materialen in de angiokamer van het ziekenhuis. Op de voorgrond in het geel neuroloog Ruud Kleyweg, naast hem radioloog Pieter van der Valk en links radioloog Otto Elgersma. FOTO FREDERIKE ROOZEN-SLIEKER

Geen uitstel
Kleyweg: “Een stolsel in de bloedvaten van de hersenen leidt al binnen minuten tot het afsterven van hersenweefsel, met vaak blijvende invaliditeit tot gevolg. Daarom hameren wij er altijd op dat mensen geen moment moeten wachten met het bellen van de ambulance, als ze plots een scheve mond, slechte spraak, slecht zicht of een verlamming van arm of been krijgen. Zodra de patiënt met een dreigend herseninfarct op de Spoedeisende Hulp komt, mits op tijd, passen we nu doorgaans trombolyse toe. Maar dat werkt niet altijd. Patiënten met ernstige uitvalsverschijnselen, bij wie we het stolsel op de ct-scan kunnen zien, gaan we voortaan ook de nieuwe behandeling aanbieden.” Deze moet zo spoedig mogelijk plaatsvinden, maar uiterlijk binnen zes uur na de eerste signalen van het herseninfarct. 

Niet naar verpleeghuis 
De intra-arteriële behandeling heeft in circa 15 procent van de gevallen resultaat. Kleyweg: "Dat betekent dus veel meer mensen die na hun herseninfarct naar huis kunnen en niet naar een verpleeghuis hoeven, of die naar huis kunnen zonder hulpmiddelen in plaats van met hulpmiddelen." Tot voor kort stuurde het Albert Schweitzer ziekenhuis patiënten voor deze behandeling met spoed door naar het Erasmus MC. "De tijd die daarmee verloren ging – al gauw een klein uur voordat zij in Rotterdam op de behandeltafel lagen – maakte de uitkomst niet beter", verduidelijkt Kleyweg. "Dat tijdverlies is er straks niet meer en daardoor kunnen wij waarschijnlijk meer dan 15 procent verbetering behalen.” Er is een gering risico op complicaties, dat afgewogen moet worden tegen de ernst van de invaliditeit die de patiënt mogelijkerwijs zou overhouden. 

Opbouwen
De interventieradiologen Pieter van der Valk, Otto Elgersma, Peter Ophof en Hans Biemans gaan de intra-arteriële behandelingen uitvoeren. Het eerste jaar gebeurt dat naar verwachting zo’n twintig keer. “We bouwen het op, om ervaring op te doen”, aldus Kleyweg. “Voorlopig vindt de behandeling daarom alleen tijdens kantooruren plaats. Buiten die tijden gaan patiënten, nadat trombolyse is toegepast, nog steeds naar het Erasmus MC. Na verloop van tijd willen wij in Dordrecht naar volledige beschikbaarheid toe – zeven dagen per week, dag en nacht – en ook patiënten opvangen vanuit andere ziekenhuizen in bijvoorbeeld de regio Gorinchem en West-Brabant.”

U bent nu hier

MijnASzIk ben zorgverlenerNieuwsberichten professionals2016JanuariAanvullende behandelwijze bij een herseninfarct
Naar boven